Sterke gemeenschappen: de verbindingen van vóór de crisis als basis voor weerbaarheid

Weerbaarheid

Een buurt met lijnen waarmee zichtbaar is dat ze verbonden zijn.

Dit artikel is onderdeel van een vijfluik

1. Dit artikel: Sterke gemeenschappen als basis voor weerbaarheid
2. Wat is ABCD?: samenlevingsopbouw vanuit wat er al is voor een weerbare community (volgt)
3. De valkuilen van ABCD: waar de belofte van veerkracht wringt met het systeem (volgt)
4. ABCD in de praktijk: wat de Nederlandse cases over weerbaarheid wél en niet laten zien (volgt)
5. ABCD en crisisorganisatie: waar de buurt de crisis versterkt, en waar niet (volgt)


Toen het water in Limburg in de zomer van 2021 steeg, waren er straten waar de buren binnen een mum van tijd elkaar hielpen. Ze wisten wie er slecht ter been was, wie alleen woonde en wie een aanhanger had om spullen weg te brengen. Er waren ook straten waar dat niet bekend was, waar de hulp pas op gang kwam toen de hulpdiensten arriveerden.

Dat verschil zat niet in de hoogte van het water. Het zat in wat er al bestond tussen de mensen voordat het misging.

Dat is het patroon dat telkens terugkomt in onderzoek naar gemeenschappen die te maken krijgen met dergelijke ellende. Een buurt valt in een crisis terug op de structuren en relaties die er al waren. Niet op de contacten die je tijdens de crisis nog probeert te leggen.

De vraag voor wie aan weerbaarheid werkt, verschuift daarmee naar de jaren voor een crisis. Hoe ontstaan die verbindingen, en kun je er als overheid iets aan bijdragen? Of is de kans dan groter dat je het kapot maakt?

Wat in Limburg het verschil maakte, was niet iets dat de gemeente had georganiseerd. Het was er al, in de buurt zelf. Daar sluit een bredere beweging in de samenlevingsopbouw op aan: asset-based community development, afgekort ABCD.

De methode werkt vanuit wat een buurt al heeft, en zet daarmee in op precies datgene wat een buurt in een crisis nodig heeft: mensen die elkaar kennen, een gewoonte om samen iets voor elkaar te krijgen, netwerken die niet via het gemeentehuis lopen.

De redenering loopt langs een keten die op papier overtuigend is. De vraag is hoe stevig elke schakel werkelijk is. Ik zocht het uit. Een reflectie hierop in vijf artikelen.

De keten van mensen als asset naar weerbaarheid

De redenering verloopt in drie stappen. Asset-activering versterkt de sociale cohesie. Sociale cohesie versterkt de weerbaarheid. En weerbaarheid werkt vervolgens op meerdere niveaus tegelijk: bij de individuele bewoner, in de wijk en in de bredere samenleving.

De eerste stap is het best onderbouwd. Wanneer bewoners samen iets oppakken dat ze zelf belangrijk vinden, ontstaan er contacten die er anders niet waren. Mensen leren elkaars naam, elkaars huis, elkaars mogelijkheden kennen. Gedeeld eigenaarschap over een buurtdoel voedt een wij-gevoel.

Daar zijn de aanwijzingen behoorlijk consistent. Asset-activering die echt van de grond komt, vergroot het aantal en de kwaliteit van de relaties tussen mensen.

De tweede stap, van cohesie naar weerbaarheid, is theoretisch goed te volgen. In een buurt met hechte netwerken verspreidt informatie zich sneller, wat in een crisis het verschil maakt tussen wel en niet weten wat er aan de hand is. Hulpbronnen worden gedeeld: een generator, een logeerkamer, een auto, een luisterend oor. Solidariteit houdt opportunisme in toom. Mensen handelen dan minder uitsluitend uit eigenbelang.

Een systematische review van sociale cohesie en herstel na rampen wijst op vier elementen die er het meest toe doen: sociaal kapitaal, gevoel van gemeenschap, sociale participatie en gehechtheid aan de plek.1 Waar die aanwezig zijn, herstelt een gebied aantoonbaar beter.

De derde stap koppelt dit aan niveaus. Bij de bewoner gaat het om vertrouwen in eigen kunnen en een steunnetwerk dat er is als het nodig is. In de wijk gaat het om het collectieve vermogen om te handelen. In de samenleving om stabiliteit en solidariteit die over groepsgrenzen heen reikt.

Het Sociaal en Cultureel Planbureau formuleert het in Wat ons verbindt scherp: de gemeenschap is de plek waar mensen de stress en onzekerheid kunnen opvangen die bij ontwrichtende gebeurtenissen horen.

Waar de keten sterk is en waar de aannames zitten

Het is verleidelijk om deze keten als bewijs te lezen. Dat is ze niet. Ze is een plausibele redenering met sterke en zwakke schakels, en het is eerlijker om die te benoemen dan om het geheel als vaststaand te presenteren.

De sterke schakel is het verband tussen cohesie en herstel. Dat verband komt terug in onderzoek naar uiteenlopende crises, van overstromingen tot de coronaperiode. Een Duitse langetermijnstudie onder ruim 3.500 Berlijners volgde bewoners voor, tijdens en na de lockdowns, en concludeert dat wie tijdens de lockdown meer sociale cohesie ervoer en positiever omging met de omstandigheden, sneller mentaal herstelde na het opheffen van de maatregelen.2

Dat is geen los gevoel, het komt uit meerdere studies tegelijk.

De zwakkere schakel zit aan het begin én aan het eind. Aan het begin, omdat het beschikbare evaluatieonderzoek geen hard bewijs levert dat ABCD daadwerkelijk leidt tot meer weerbaarheid op gemeenschapsniveau. Movisie stelt in het dossier Wat werkt bij Samenlevingsopbouw onomwonden vast dat evaluatieonderzoek geen wetenschappelijk bewijs levert voor een oorzakelijk verband tussen ABCD en verbeteringen op buurtniveau: de aanpak laat vooral effect zien op de relaties tussen bewoners onderling, minder op de buurt als geheel.3

Asset-based werken zet in op gemeenschapskracht, maar dat het die kracht ook werkelijk produceert, is niet aangetoond op een manier die de toets der kritiek doorstaat.

Het probleem is deels methodisch. ABCD werkt in een omgeving vol andere factoren. Als de cohesie in een wijk toeneemt, komt dat door het buurtinitiatief, door de nieuwe voetbalclub, door een verbeterde economie of doordat een groep mensen is weggetrokken?

Die invloeden laten zich niet uit elkaar trekken. En cohesie groeit in jaren, terwijl onderzoeksbudgetten in maanden denken. De meting stopt vaak voordat het effect zichtbaar wordt.

Aan het eind zit een aanname die we te makkelijk overslaan. We veronderstellen dat sterke cohesie altijd goed is voor de weerbaarheid van het geheel. Dat klopt niet zonder meer.

Een hechte groep kan zich juist sluiten voor buitenstaanders. Sterke binding binnen een groep kan wantrouwen naar andere groepen vergroten. De gevestigde bewoners hebben de onderlinge bekendheid, de informatie en de organisatie om nieuwkomers buiten te houden.

Dan ontstaat weerbaarheid voor de een ten koste van de kwetsbaarheid van de ander.

Cohesie is geen neutrale grootheid die altijd de goede kant op werkt.

Wat dit betekent voor wie aan weerbaarheid werkt

De keten is dus gedeeltelijk houdbaar. Asset-based werken kan bijdragen aan de voorwaarden voor weerbaarheid, op voorwaarde dat een aantal dingen klopt. Het moet lang genoeg duren om kritieke massa te bereiken, want een interventie van een half jaar bereikt niets blijvends. Het moet expliciet over groepsgrenzen heen werken, want anders versterkt het alleen de mensen die toch al verbonden waren.

En het vraagt een overheid die ontvankelijk is in plaats van controlerend. Op het moment dat asset-activering wordt ingezet als manier om greep te houden op burgers, slaat het effect om. Het Sociaal en Cultureel Planbureau wijst erop dat juist receptief gedrag van de overheid het meest helpt om eigenaarschap en solidariteit te laten groeien.4

Dat plaatst de keten in een ander licht. Het is geen knop die je indrukt om weerbaarheid te produceren. Het is een investering met voorwaarden, waarvan de opbrengst zich pas jaren later toont en zich slecht laat meten. Voor een gemeente die snelle, zichtbare resultaten zoekt, is dat een ongemakkelijke boodschap.

En toch verandert het de vraag die ertoe doet. Niet alleen of we voorbereid zijn op wat er kan gebeuren, in de zin van plannen, draaiboeken en voorraden. Ook of we hebben geïnvesteerd in een gemeenschap die zichzelf kan dragen op het moment dat de plannen tekortschieten.

Die tweede vraag is moeilijker te beantwoorden en moeilijker te verantwoorden in een begroting. Hij is daarmee niet minder belangrijk. De straten in Limburg waar de buren elkaar al kenden, hebben hem in de praktijk beantwoord voordat iemand hem stelde.

Verdieping

1. Sobhaninia, S. (2024). The Social Cohesion Measures Contributing to Resilient Disaster Recovery: A Systematic Literature Review. Journal of Planning Literature. DOI: 10.1177/08854122241238196.

2. Silveira, S. et al. (2022). Coping with the COVID-19 Pandemic: Perceived Changes in Psychological Vulnerability, Resilience and Social Cohesion before, during and after Lockdown. International Journal of Environmental Research and Public Health, 19(6), 3290.

3. Movisie (2024). Wat werkt bij Samenlevingsopbouw. Dossier.

4. Van Oudenhoven-Van der Zee, K. (2025). Wat ons verbindt. Bouwstenen van een veerkrachtige samenleving. Sociaal en Cultureel Planbureau.